Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Artikel 8

Onderdeel van Regeling organieke functiewaardering (2010)

Mogelijkheid tot het maken van bezwaar Er is een bezwarencommissie, gebaseerd op artikel 7:5/ 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht, waarvan de leden door burgemeester en wethouders voor vier jaar worden benoemd. De bezwarencommissie is samengesteld uit: een lid, aangewezen door burgemeester en wethouders; een lid, aangewezen door de vakorganisaties vertegenwoordigd in het Georganiseerd Overleg; een neutrale voorzitter aangezocht door de leden genoemd in lid a en b van dit artikel. Voor elk lid van de bezwarencommissie wordt door de aanwijzende instantie een plaats vervangend lid aangewezen. Het lidmaatschap van de bezwarencommissie is onverenig- baar met het lidmaatschap van de toetsingscommissie. Het secretariaat van de bezwaren- commissie wordt vervuld door een door burgemeester en wethouders aan te wijzen ambtenaar. De taak van de bezwarencommissie bestaat uit: toetsen of de vastgestelde functiebeschrijving en/of functiewaardering op een correcte wijze tot stand is gekomen conform procedures ingevolge de vastgestelde regeling functiewaardering; toetsen van de vastgestelde functiebeschrijving en/of functiewaardering. De bezwarencommissie kan haar werkwijze vastleggen in een reglement. Indien de ambtenaar die de functie vervult het niet eens is met de vastgestelde functiebeschrijving, artikel 5 lid 1, en/of functiewaarderingsuitslag, artikel 7 lid 9, kan hij dat in een bezwaarschrift kenbaar maken bij burgemeester en wethouders binnen zes weken na schriftelijke bekendmaking van de vastgestelde functiebeschrijving respectievelijk de voorlopige functiewaarderingsuitslag. Burgemeester en wethouders leggen het bezwaarschrift ter advisering voor aan de bezwarencommissie. Zij stellen de in artikel 7, lid 9 genoemde functionarissen van het bezwaar op de hoogte. De bezwarencommissie dient een bezwaarschrift in voltallige vergadering te behandelen. Ten minste 10 dagen voor de behandeling van een bezwaarschrift worden alle daarop betrekking hebbende stukken door de secretaris van de bezwarencommissie aan de leden enplaatsvervangend leden toegezonden. De stukken worden tevens toegezonden aan de indiener van het bezwaarschrift en aan diens raadsman indien deze door hem is aangewezen. Voor de overige in artikel 7, lid 9 bedoelde functionarissen worden de stukken ten minste één week voor het horen ter inzage gelegd, indien zij door de bezwarencommissie voor de hoorzitting worden uitgenodigd. De vergaderingen van de bezwarencommissie zijn niet openbaar. De leden zijn verplicht tot geheimhouding van hetgeen hen uit de stukken of de beraadslagingen bekend is geworden. De bezwarencommissie hoort niet alleen de indiener van het bezwaarschrift en het bestuursorgaan, maar ook indien zij zulks wenselijk acht en/of op verzoek: de ambtenaar (ambtenaren) die de functie uitvoert/uitvoeren c.q. moet/moeten uitvoeren; de direct leidinggevende; het hoofd van de afdeling; de algemeen directeur als vertegenwoordiger van het directieteam; één of meer informanten, waaronder de functiedeskundige die de waardering heeft opgemaakt. De bezwarencommissie zal bij bezwaar tegen de waardering de functie in de volle omvang bezien; zij zal zich niet beperken tot het gezichtspunt waartegen bezwaar is ingediend. Indien wordt overwogen, te adviseren de waardering voor een niet bestreden gezichtspunt te verlagen, stelt zij in elk geval de indiener van het bezwaarschrift en de betrokken ambtenaar (ambtenaren) in de gelegenheid hierover hun zienswijze naar voren te brengen. Tevens stelt zij de indiener van het bezwaarschrift in de gelegenheid het bezwaarschrift in te trekken. De bezwarencommissie draagt er zorg voor dat het advies zo tijdig wordt vastgesteld en uitgebracht dat burgemeester en wethouders kunnen beslissen binnen de termijn bedoeld in artikel 7:10 van de Algemene wet bestuursrecht. Zij stelt haar advies bij meerderheid van stemmen vast. Indien het advies niet unaniem is wordt ook het minderheidsadvies vermeld. Indien de bezwarencommissie van mening is dat de bestreden functiewaardering niet op een correcte wijze tot stand is gekomen, heeft het advies voor burgemeester en wethouders een bindend karakter.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel