Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 10

Artikel 2:31

Betaald voetbalwedstrijden

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 's-Hertogenbosch 2016

1.. Voor de toepassing van deze Afdeling wordt onder organisator verstaan: de betaald voetbalorganisatie FC Den Bosch, indien het betreft een voetbalwedstrijd waarbij het eerste elftal van de betaald voetbalorganisatie FC Den Bosch als thuisspelende ploeg betrokken is, uitgezonderd wedstrijden buiten enig competitieverband tegen een amateurvoetbalorganisatie; de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond, indien het betreft een voetbalwedstrijd tussen voetbalorganisaties afkomstig van buiten de gemeente ‘s-Hertogenbosch, waarbij tenminste één betaald voetbalorganisatie is betrokken en indien het betreft een A-interland; degene die buiten de gevallen, genoemd onder a. en b. een voetbalwedstrijd organiseert, waarbij tenminste één betaald voetbalorganisatie is betrokken. 2.. Voor de toepassing van de artikelen van deze afdeling wordt onder voetbalwedstrijd verstaan een voetbalwedstrijd georganiseerd door een organisator als bedoeld in het vorige lid. 3.. De organisator is verplicht ten minste vier weken voor de vastgestelde speeldag van een voetbalwedstrijd als bedoeld in het eerste lid daarvan schriftelijk kennisgeving te doen aan de burgemeester. 4.. De burgemeester kan ontheffing verlenen van de termijn als bedoeld in het vorige lid. 5.. De burgemeester kan, met betrekking tot een voetbalwedstrijd, aan de organisator daarvan voorschriften opleggen in belang van de openbare orde en veiligheid. 6.. De burgemeester kan het doen spelen van een wedstrijd verbieden: uit vrees voor het ontstaan van een ernstige verstoring van de openbare orde; indien de krachtens het vijfde lid, opgelegde voorschriften niet worden nageleefd; indien geen of niet tijdig een schriftelijke kennisgeving is gedaan als bedoeld in het derde lid. 7.. Het is verboden een voetbalwedstrijd te doen spelen, wanneer een verbod, als bedoeld in het zesde lid is uitgevaardigd. 8.. De burgemeester kan, onverminderd zijn bevoegdheid ingevolge het zesde lid, een voetbalwedstrijd aanwijzen als een risicowedstrijd indien daaraan naar zijn oordeel een verhoogd risico is verbonden voor de openbare orde en veiligheid.

Rechtspraak bij dit artikel