In deze afdeling wordt verstaan onder:
voertuigen: gehandicaptenvoertuigen, motorvoertuigen, trams en wagens, met uitzondering van kleine wagens zoals: kruiwagens, kinderwagens en rolstoelen;
parkeren: het doen of laten staan van voertuigen, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen van goederen.
Hoofdstuk 5 › Afdeling 1
Artikel 5:1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 's-Hertogenbosch 2016