1.Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
a. boom:
een levend houtachtig, opgaand gewas, met een stamomtrek van minimaal 30
centimeter op 1,30 meter hoogte boven het maaiveld. In geval van
meerstammigheid geldt de stamomtrek van de dikste stam. In afwijking van
deze minimale stamomtrek van 30 centimeter geldt geen minimale stamomtrek in
geval van houtopstanden als in artikel 9, 10, 12 of indien sprake is van
Herdenkingsbomen.
b. Herdenkingsboom:
een levend houtachtig, opgaand gewas, aangeplant ter herdenking van een
gebeurtenis.
c.herplantbomen:
een boom die is aangeplant in het kader van artikel 9 of 10.
d. houtopstand:
één of meer bomen of boomvormers, of andere houtachtige gewassen, mogelijk
onderdeel uitmakend van hakhout, een houtwal, een grotere (lint)begroeiing
van heesters en struiken, een beplanting van bosplantsoen, een struweel of
een heg.
e. Monumentale boom:
bijzondere beschermwaardige houtopstand staande binnen de bebouwde kom
Boswet, zoals een herdenkingsboom of een houtopstand met een bijzondere
leeftijd, schoonheid- of zeldzaamheidswaarde of een bijzondere functie voor
de omgeving en opgenomen in de Lijst Monumentale bomen als bedoeld in
artikel 2.
f. bebouwde kom:
de bebouwde kom(men) ingevolge de Boswet zoals aangegeven op de bij deze
verordening behorende kaarten.
g. Boomzonegebied:
een door de raad aangewezen gebied met een bosachtig karakter binnen de
bebouwde kom(men) zoals aangegeven op de bij deze verordening behorende
kaarten, waar afwijkende regels zijn gesteld voor het vellen van bomen.
h. dunning:
een velling uitsluitend bedoeld als verzorgingsmaatregel ter bevordering
van na dunning overblijvende houtopstand.
i. vellen:
rooien; kappen; verplanten; het snoeien van meer dan 20 procent van de
kroon of het wortelgestel, met inbegrip van kandelaberen; het verrichten van
handelingen, zowel boven- als ondergronds, die de dood, de ernstige
beschadiging of de ernstige ontsiering van de bomen ten gevolge kan
hebben.
j. boomwaarde:
de monetaire waarde van een houtopstand zoals getaxeerd volgens de meest
recente richtlijnen van de Nederlandse Vereniging van Taxateurs van
Bomen.
k. stamomtrek:
de omtrek van de stam van een boom, gemeten op 1,30 meter vanaf het
maaiveld.
l. Bomeneffect-analyse:
een standaard beoordeling van de gevolgen van voorgenomen bouw of aanleg
voor een houtopstand, op basis van landelijke richtlijnen.
m. boomdeskundige:
persoon of bedrijf met aantoonbare kennis van houtopstanden, ook een
persoon in dienst van de gemeente Nunspeet.
n. bevoegd gezag:
bevoegd gezag als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene
bepalingen omgevingsrecht.
o. college:
het college van burgemeester en wethouders van gemeente Nunspeet.
p. raad:
gemeenteraad van gemeente Nunspeet
q. Lijst Monumentale bomen:
Een door de raad opgesteld Lijst Monumentale bomen met daarop Monumentale
bomen die binnen de bebouwde kom staan.
r. noodkap:
het direct of binnen 48 uur vellen van een boom, indien door een
boomdeskundige, door de brandweer of gemeentelijke dienst is vastgesteld dat
de boom direct gevaar oplevert voor mens en omgeving;
s. beheerplan:
een door het college of raad vastgesteld plan voor het beheer van
gemeentelijke bomen.
t.Herplantfonds:
Gemeentelijk fonds bestemd voor herplant van bomen.