Naar hoofdinhoud

AFDELING I. › Hoofdstuk 2. › Paragraaf 3.

Artikel 2.7

Hoofdverblijf

Onderdeel van Verordening voorzieningen gehandicapten

1.. Burgemeester en wethouders verlenen slechts een financiële tegemoetkoming in de gemaakte kosten indien de gehandicapte zijn hoofdverblijf heeft of zal hebben in de woonruimte waaraan de voorziening wordt getroffen. 2.. In afwijking van het gestelde in het eerste lid kan een financiële tegemoetkoming worden verleend in de kosten van het aanpassen van één woonruimte indien de gehandicapte zijn hoofdverblijf heeft in een Awbz-inrichting. 3.. De aanvraag wordt ingediend in de gemeente waar de aan te passen woning staat. 4.. De financiële tegemoetkoming bedoeld in het tweede lid wordt verleend onder de voorwaarde dat de gemeente waar de gehandicapte zijn hoofdverblijf heeft, verklaart dat haar niet bekend is dat ten behoeve van de gehandicapte reeds eerder een woning bezoekbaar is gemaakt. 5.. De financiële tegemoetkoming betreft slechts een tegemoetkoming in de kosten van het bezoekbaar maken van de in het tweede lid bedoelde woning. 6.. Onder het in het derde lid genoemde bezoekbaar maken van de woonruimte wordt verstaan dat de gehandicapte de woonruimte, de woonkamer en één toilet kan bereiken. 7.. Indien een toiletruimte bezoekbaar wordt gemaakt in de zin van lid 6 kan ook één toilet aangepast worden, mits hiervoor een medische indicatie bestaat.

Rechtspraak bij dit artikel