**1..** Vergunningen en ontheffingen verleend krachtens de verordening
bedoeld in artikel 35 tweede lid blijven -indien en voorzover het
gebod of het verbod waarop de vergunning of ontheffing betrekking
heeft, ook vervat is in deze verordening en voorzover zij niet
eerder zijn vervallen of ingetrokken- nog gedurende één jaar na de
inwerkingtreding van deze verordening van kracht.
**2..** Voorschriften en beperkingen opgelegd krachtens de verordening
bedoeld in artikel 35 tweede lid blijven -indien en voorzover de
bepalingen ingevolge welke deze voorschriften en beperkingen zijn
opgelegd, ook zijn vervat in deze verordening en voorzover zij niet
eerder zijn vervallen of ingetrokken- nog gedurende één jaar na de
inwerkingtreding van deze verordening van kracht.
**3..** Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening
een aanvraag om een vergunning of ontheffing op grond van de
verordening bedoeld in artikel 35 tweede lid is ingediend en voor
het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening nog niet op
die aanvraag is beslist, wordt daarop de overeenkomstige bepaling
van de onderhavige verordening toegepast.
**4..** Op een aanhangig beroep of bezwaarschrift, betreffende een
vergunning of ontheffing bedoeld in het eerste lid, dan wel
voorschrift of beperking bedoeld in het tweede lid dat voor of na
het tijdstip bedoeld in artikel 35 eerste lid is ingekomen binnen de
voordien geldende beroepstermijn, wordt beslist met toepassing van
de verordening bedoeld in artikel 35 tweede lid.
**5..** In afwijking van het eerste lid blijft een vergunning of ontheffing
van kracht, totdat onherroepelijk is beslist op een aanvraag voor
een, krachtens een in deze verordening overeenkomstig opgenomen
gebod of verbod vereiste vergunning of ontheffing, indien deze
aanvraag ten minste acht weken voor afloop van de in het eerste lid
genoemde termijn bij het bevoegde bestuursorgaan is ingediend.
**6..** Gebod- of verbodsbepalingen waarvoor een vergunning of ontheffing
vereist is krachtens deze verordening en niet voorkomend in de
verordening als bedoeld in artikel 35 tweede lid zijn niet van
toepassing:
gedurende 52 weken na het in werking treden van deze
verordening;
ook na de onder a bepaalde termijn, voorzover degene die de
vergunning of ontheffing nodig heeft, binnen deze termijn
een aanvraag heeft ingediend, totdat onherroepelijk op deze
aanvraag is beslist.
**7..** De intrekking van de verordening bedoeld in artikel 35 tweede lid
heeft geen gevolgen voor de geldigheid van op basis van die
verordening genomen nadere regels en aanwijzingsbesluiten, indien en
voorzover de rechtsgrond waarop de aanwijzingsbesluiten zijn
gebaseerd ook vervat is in deze verordening en voorzover zij niet
eerder zijn vervallen of ingetrokken.
Afdeling 7
Artikel 36
Overgangsbepaling
Onderdeel van Afvalstoffenverordening van de gemeente Rheden