In de Jeugdwet is opgenomen dat de gemeente kan bepalen in welke gevallen en onder welke voorwaarden de inwoner aan wie een pgb verstrekt wordt, de mogelijkheid heeft om ondersteuning/jeugdhulp te betrekken van een persoon die deze anders dan in de uitoefening van een beroep levert. Het gaat hier bijvoorbeeld om situaties waarin iemand zijn baan opzegt of minder gaat werken om kinderen intensief te ondersteunen of waarin het veiliger/praktischer is dat een naaste uit het gezin de ondersteuning levert. Als iemand vanuit het sociaal netwerk de ondersteuning gaat bieden, dan moet dat gepaard gaan met een wijziging in de bestaande situatie, omdat uit het gesprek/integraal plan blijkt dat vanuit de bestaande situatie de inzet van het sociaal netwerk ontoereikend is. Extra inzet is dus nodig. Hiervan is ook sprake als de zorg voor een opgroeiend kind als gevolg van beperkingen juist toeneemt waardoor extra ondersteuning noodzakelijk is.
Het komt voor dat het met inzet van het sociaal netwerk makkelijker is om een sluitend zorgaanbod te realiseren dan met inzet van een professionele zorgorganisatie. Argumenten voor de inzet van het sociaal netwerk zijn bijvoorbeeld:
zorgcontinuïteit: de partner of ouder kan zorgen voor permanent toezicht. Een professional kan dit niet;
emotionele binding: de ouder of andere familie/kennissen hebben een emotionele band die bijdraagt aan de effectiviteit van de ondersteuning/jeugdhulp;
een praktische reden: de partner of ouder kan taken flexibel combineren die anders door meerdere professionals op verschillende tijdstippen/locaties uitgevoerd worden.
Als iemand vanuit het sociaal netwerk de ondersteuning/jeugdhulp gaat bieden, dan moet diegene wel over de juiste competenties en expertise beschikken:
bereidheid tot het volgen van trainingen/cursussen waar nodig;
bereidheid tot het samenwerken met professionals waar nodig en;
de inzet mag niet leiden tot overbelasting. Indien nodig wordt tijdig aan de bel getrokken.
Een periodiek gesprek (1 keer per jaar of vaker) met het Jeugd- en gezinsteam moet inzicht geven in de kwaliteit van de geboden ondersteuning/jeugdhulp in relatie tot het gewenste resultaat. Dit kan gevolgen hebben voor het PGB.
De persoon die vanuit het sociaal netwerk ondersteuning/jeugdhulp biedt moet zich bewust zijn van de verantwoordelijkheid die hij, mogelijk langdurig, op zich neemt.
Als ondersteuning/jeugdhulp ingezet wordt in situaties waarin sprake is van
onvoldoende opvoedvaardigheden of bij (dreigende) overbelasting, dan kan geen pgb ingezet worden voor het sociaal netwerk. Het is aan de betrokken professional om dit te beoordelen.
Artikel 3
Voorwaarden pgb sociaal netwerk
Onderdeel van Nadere regels Sociaal Domein gemeente Nieuwkoop