Naar hoofdinhoud
Bij de overgang van de Wmo naar de Wlz is er soms sprake van een zorgval. Het kan in gevallen waar u heel veel zorg en ondersteuning nodig hebt zo zijn dat het maximum bereikt wordt en u minder zorg thuis kunt krijgen dan u gewend bent. Bijvoorbeeld minder dagbesteding of hulp bij het huishouden. In deze situaties wordt allereerst in gesprek gegaan met het zorgkantoor. Het zorgkantoor kijkt naar de situatie en naar de mogelijkheden die er zijn om aanvullende zorg en ondersteuning in te zetten. Ook kunt u ervoor gekozen worden om zelf hulp bij te kopen om zo toch thuis te blijven wonen of met uw naasten een oplossing zoeken. Als deze mogelijkheden er niet zijn en de overgang van de Wmo naar Wlz leidt tot een schrijnende situatie dan kan beoordeeld worden of de afbouwregeling zorgval Wmo-Wlz kan worden toegepast. Binnen deze regeling kan vanuit de Wmo nog een stukje ondersteuning worden geboden zodat de inwoner op een veilige manier zelfstandig thuis kan blijven wonen. De maximale termijn van de regeling is gesteld op zes maanden omdat verwacht wordt dat binnen zes maanden iemand kan worden opgenomen met zijn Wlz-indicatie.

Rechtspraak bij dit artikel