Ontheffingen op grond van deze verordening zijn over draagbaar na verkregen toestemming van het college van burgemeester en wethouders.
In geval van een voorgenomen overdracht van de in het eerste lid bedoelde ontheffingen doet de houder van de ontheffing hiervan onmiddellijk schriftelijke mededeling aan het college van burgemeester en wethouders onder vermelding van de naam en het adres van de voorgestelde rechtverkrijgende.