Naar hoofdinhoud
1.. De raad benoemt op voorstel van het presidium twee leden uit zijn midden en drie onafhankelijke leden. 2.. De raad neemt bij het benoemen van de raadsleden in de commissie het volgende in acht: één der leden wordt benoemd uit de leden van de fracties die tezamen de coalitie vormen, het andere lid wordt benoemd uit de leden van de overige fracties 3.. De leden van de rekenkamercommissie worden voor een periode gelijk aan de zittingsduur van de raad benoemd. 4.. De raad benoemt op voorstel van het presidium uit de onafhankelijke leden van de commissie een voorzitter en plaatsvervangend voorzitter. 5.. De onafhankelijke leden moeten specifieke deskundigheid hebben op het terrein van de in artikel 182 van de wet genoemde onderzoeken bij de overheid, bij voorkeur bij de lokale overheid.

Rechtspraak bij dit artikel