De commissievoorzitter zendt ten minste 14 dagen voor
een vergadering de commissieleden een schriftelijke
oproep en de voorlopige agenda met de daarbij behorende
stukken, met uitzondering van de in artikel 86, eerste
en tweede lid, van de Gemeentewet bedoelde stukken.
Als een aanvullende agenda als bedoeld in artikel 8,
eerste lid, wordt vastgesteld, wordt deze met de daarbij
behorende stukken zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48
uur voor aanvang van de vergadering aan de leden
gezonden.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf 1.
Artikel 7
- Oproep en voorlopige agenda
Onderdeel van Verordening op raadscommissies 2015