**1..** Met betrekking tot de in artikel 10 lid b, c en d genoemde subsidiesoorten worden de volgende subsidiabele kosten onderscheiden:
personeelskosten;
huisvestingskosten;
organisatie- / materiële kosten;
activiteitenkosten;
afschrijvingskosten;
gemeentelijke belastingen en heffingen;
accountantskosten.
**2..** Geen subsidiabele kosten zijn:
kosten van acties en dergelijke ter verwerving van inkomsten;
kosten van consumpties, traktaties, rookwaren, geschenken en attenties voor zover deze geen directe relatie hebben met de organisatie van de instellingen en dier activiteiten;
kosten verbonden aan festiviteiten ter gelegenheid van jubilea en dergelijke;
specifieke door ouders gemaakte kosten van aan activiteiten deelnemende kinderen en dergelijke;
materiële en financiële ondersteuning van derden;
kosten van barexploitatie;
kosten van levering van goederen en diensten aan derden, tenzij het college hiervoor vooraf schriftelijk toestemming heeft verleend en het derden betreft voor wie de gesubsidieerde activiteiten bestemd zijn.
**3..** Op de subsidiabele kosten als bedoeld in het eerste lid worden de volgende baten in mindering gebracht;
eigen bijdragen van leden / deelnemers;
opbrengsten uit financiële tegoeden en / of beleggingen;
ontvangsten van derden voor verrichte diensten;
uitkeringen van verzekeringen.
andere inkomsten waaronder sponsoring/ donaties.
De baten worden in mindering gebracht op de kostensoorten waarop zij betrekking hebben.
HOOFDSTUK 1.
Artikel 11.
Subsidiabele kosten
Onderdeel van Algemene subsidie verordening Dronten 2003