Als verplichtingen als bedoeld in artikel 4:38 van de wet legt het college subsidieontvangers in ieder geval de volgende verplichtingen op:
Een accommodatie dient naar aard, omvang, inrichting, situering, tariefstelling en openstellingsuren rechtmatig en doelmatig gebruikt te kunnen worden voor het laten plaatsvinden van subsidiabele activiteiten.
De instelling dient er zorg voor te dragen, dat waar de activiteiten plaatsvinden in een accommodatie:
deze waar mogelijk en nodig geschikt is voor de in zijn bewegingen beperkte mens;
de openstellingen zo veel mogelijk afgestemd zijn op de wensen en behoeften van de doelgroep(en) en organisatoren van activiteiten.
Opheffing en liquidatie:
Indien een instelling wordt opgeheven dient het bestuur daarvan onmiddellijk schriftelijk kennis te geven aan het college. Hetzelfde geldt ingeval van het door de instelling geheel of gedeeltelijk staken van door de gemeente te subsidiëren dan wel gesubsidieerde activiteiten.
Bij liquidatie zijn de voorschriften omtrent de verantwoording alsmede die betreffende de vaststelling van de subsidie van overeenkomstige toepassing.
Een met subsidie verworven batig liquidatiesaldo dient, met toepassing van het bepaalde in artikel 4:41 van de wet, zo spoedig mogelijk aan de gemeente te worden terugbetaald tot maximaal het bedrag dat in totaliteit over de laatste vijf jaren aan subsidie is verstrekt.
HOOFDSTUK 3.
Artikel 17.
Overige verplichtingen
Onderdeel van Algemene subsidie verordening Dronten 2003