**5.1.** Een bestuurder formuleert zijn schriftelijke en mondelinge meningsuiting zorgvuldig, draagt zorg voor een degelijke feitenonderbouwing en legt daar rekenschap over af.
**5.2.** Een bestuurder geeft een eventuele aangesprokene volop de gelegenheid direct op het in het openbaar beweerde te reageren. Bijvoorkeur via debatten in de vergaderingen van de raad en zijn commissies of anderszins.
**5.3.** De bestuurder draagt er zorg voor dat de toonzetting van de beweringen niet geschiedt in persoonlijk grievende bewoordingen.
**5.4.** Een bestuurder spreekt zich in het openbaar niet uit over het functioneren van specifieke of alle bij de gemeente Beverwijk werkzame ambtenaren.
**5.5.** Indien naderhand blijkt dat de beweringen van de bestuurder onjuist blijken te zijn, wordt dat door de betrokken bestuurder ruiterlijk toegegeven en publiekelijk gerectificeerd.