Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4. › Afdeling 4.

Artikel 127.

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening

1.. In deze afdeling wordt verstaan onder: houtopstand: hakhout, een houtwal of een of meer bomen; hakhout: een of meer bomenof boomvormers die na te zijn geveld, opnieuw op de stronk uitlopen; boom: een houtachtig, overblijvend gewas dat eenstammig of meerstammig is, van meerstammigheid is sprake als de stammen zich bovengronds vertakken, op een hoogte van 1,30 m boven het maaiveld een dwarsdoorsnede van de stam, of bij meerstammigheid van de dikste stam, heeft van tenminste 10 cm; dunning: velling ter bevordering van het voortbestaan van de houtopstand; bebouwde kom: de bebouwde kom van de gemeente, vastgesteld ingevolge artikel 1, vijfde lid, van de Boswet. iepziekte: de aantasting van iepen door de schimmel Ophiostoma ulmi (Buism.) Nannf. (syn. Ceratocystis ulmi (Buism.) C. Moreau); iepenspintkever: het insect, in elk ontwikkelingsstadium, behorende tot de soorten Scolytus scolytus (F.) en Scolytus multistriatus (Marsh) en Scolytus pygmaeus. 2.. In deze afdeling wordt onder vellen mede verstaan: rooien, met inbegrip van verplanten, alsmede het verrichten van handelingen die de dood of ernstige beschadiging of ontsiering van houtopstand ten gevolge kunnen hebben.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel