De onderhoudsrechten, als bedoeld in artikel 4 onder F. zijn
verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit
later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
Indien de belastingplicht in de eerste helft van het
belastingjaar aanvangt, zijn de rechten bedoeld in artikel 4
onder F. verschuldigd voor het gehele belastingjaar.
Indien de belastingplicht in de tweede helft van het
belastingjaar aanvangt, zijn de rechten bedoeld in artikel 4
onder F. verschuldigd voor de helft van de voor dat jaar
verschuldigde rechten.
Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar
wijzigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde
gedeelten van het voor dat jaar verschuldigde onderhoudsrecht
als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog
volle kalendermaanden overblijven.
Artikel 8
Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang voor de jaarlijks verschuldigde rechten
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van begrafenisrechten 2016