Aan de taaleis voldoen personen die een van de volgende documenten kunnen overleggen:
een diploma of een inschrijvingsbewijs van een Nederlandstalige middelbare school in Nederland, de Nederlandse Antillen, Suriname of Vlaanderen;
rapporten tot en met groep 8 (klas 6) van een basisschool (lagere school) in Nederland;
een diploma van een MBO, HBO of universitaire opleiding in Nederland of Vlaanderen;
een diploma van een opleiding Nederlands in het buitenland;
een diploma inburgering op A2-niveau of hoger;
een ander document waaruit blijkt dat de Nederlandse taal op minimaal 1F voor moedertaalsprekers en A2 voor anderstaligen wordt beheerst;
Personen die geboren zijn ná 1964 en in de leerplichtige leeftijd (tussen 5 en 16 jaar) tenminste 8 jaren in Nederland hebben gewoond maar geen van de documenten benoemd in lid 1 kunnen overleggen, voldoen in principe aan de taaleis. Als hierover twijfel bestaat, wordt de taaltoets afgenomen.