Deze beleidsnota gaat over toezicht en handhaving kinderopvang en
peuterspeelzalen op grond van de Wet kinderopvang en kwaliteitsregels
peuterspeelzalen (Wko). De doelstelling van deze beleidsnota is om vast
te leggen hoe de drie gemeenten Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland
(hierna; SED) vorm willen geven aan de wettelijke taak van toezicht,
handhaving en sanctionering van de kinderopvang.
Onder kinderopvang wordt hierbij verstaan: het bedrijfsmatig of anders
dan om niet verzorgen, opvoeden en bijdrage aan de ontwikkeling van
kinderen tot de eerste dag van de maand waarop het voortgezet onderwijs
voor die kinderen begint (artikel 1.1. lid 1 Wko).
Er zijn verschillende soorten kinderopvang:
Kinderdagverblijven (KDV) of kindercentra;
Buitenschoolse opvang (BSO);
Gastouderbureaus (GOB);
Voorziening gastouderopvang (VOG).
Onder een peuterspeelzaal wordt verstaan: een voorziening waar
peuterspeelzaalwerk plaatsvindt, anders dan gastouderopvang of
kinderopvang in een kindercentrum. Het peuterspeelzaalwerk is gericht op
de verzorging, de opvoeding en het bijdrage aan de ontwikkeling van
kinderen uitsluitend bestemd voor kinderen vanaf de leeftijd van twee
jaar tot het tijdstip waarop zij kunnen deelnemen aan het basisonderwijs
(artikel 2.1. lid 1 Wko).
Hoofdstuk 1
Artikel 1.1.
Definities kinderopvang
Onderdeel van Beleidsnota Toezicht en handhaving Kinderopvang gemeente Drechterland 2015