Voor zover bij de wet niet anders is bepaald, wordt overtreding van het bij of krachtens de artikelen van deze verordening bepaalde en de op grond van artikel 1:4 daarbij gegeven voorschriften en beperkingen gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie; hiervan uitgezonderd zijn artikel 2:10, vierde lid, artikel 2:11 en artikel 4:18.