**1..** Het college kan onbeloonde maatschappelijk nuttige
werkzaamheden, die additioneel van aard zijn, inzetten als
tegenprestatie voor zover die werkzaamheden:
naar zijn aard niet zijn gericht op toeleiding tot de
arbeidsmarkt en;
niet zijn bedoeld als re-integratie instrument en;
in de organisatie waarin ze worden verricht, worden
verricht naast of in aanvulling op reguliere arbeid
en;
niet leiden tot verdringing op de arbeidsmarkt.
**2..** Het college stelt ter nadere uitvoering van de tegenprestatie
beleidsregels vast waarin wordt vastgelegd welke aanvullende
werkzaamheden het college in ieder geval kan aanbieden en de
voorwaarden die daarbij gelden voor zover daarover in deze
verordening geen nadere bepalingen zijn opgenomen.
Hoofdstuk 2: › Paragraaf 2.5:
Artikel 16:Inhoud
van een tegenprestatie
Onderdeel van Verzamelverordening Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz 2016