**1..** Indien een inburgeringsplichtige of vermoedelijk inburgeringsplichtige, geen of onvoldoende medewerking verleent aan het onderzoek, bedoeld in artikel 25, vierde lid, van de wet, legt het college de volgende sanctie op:
niet verschijnen op intake
1ste keer niet verschijnen: waarschuwingsbrief + nieuwe afspraak;
2de keer niet verschijnen: bestuurlijke boete ad € 25,-
3de keer niet verschijnen: bestuurlijke boete ad € 100,-
4de keer of vaker niet verschijnen: bestuurlijke boete ad € 250,- per keer.
misdraging tijdens intake
1ste keer niet meewerken: waarschuwingsbrief + nieuwe afspraak;
2de keer niet meewerken: bestuurlijke boete ad € 100,-
3de keer of vaker niet meewerken: bestuurlijke boete ad € 250,- per keer.
verzetten afspraak
1ste keer verzetten: nieuwe afspraak binnen 2 weken;
2de keer verzetten: waarschuwingsbrief + nieuwe afspraak;
3de keer verzetten: bestuurlijke boete ad € 25,-
4de keer verzetten: bestuurlijke boete ad € 100,-
5de keer of vaker verzetten: bestuurlijke boete ad € 250,- per keer.
**2..** Indien een inburgeringsplichtige geen of onvoldoende medewerking verleent aan de uitvoering van de voor hem vastgestelde inburgeringsvoorziening, of aan de verplichtingen bedoeld in artikel 6 van de verordening, legt het college de volgende verplichting op:
1ste keer niet meewerken: gesprek + waarschuwingsbrief;
2de keer niet meewerken: bestuurlijke boete ad € 150,-
3de keer niet meewerken: bestuurlijke boete ad € 500,- + beëindiging van het traject.
**3..** Indien een inburgeringsplichtige niet binnen de daarvoor geldende termijn het inburgeringsexamen heeft behaald, legt het college de volgende sanctie op:
1ste keer: waarschuwingsbrief + hersteltermijn
2de keer: bestuurlijke boete ad 250,- + hersteltermijn
3de keer: bestuurlijke boete ad € 500,- + hersteltermijn
4de keer of vaker: bestuurlijke boete ad € 1.000,- + hersteltermijn
**4..** Het college legt geen bestuurlijke boete op indien voor dezelfde gedraging de bijstand kan worden verlaagd op grond van artikel 18, tweede lid, van de Wet werk en bijstand, dan wel indien voor dezelfde gedraging een boete of maatregel kan worden opgelegd op grond van een van de bij de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in artikel 19, eerste lid, onder a, aan te wijzen sociale zekerheidswetten of socialezekerheidsregelingen.
**5..** Het college kan afzien van het opleggen van een boete indien daarvoor dringende redenen zijn.