**1..** De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de wijze waarop de accountantscontrole wordt ingericht, alsmede de aard en omvang van de daarbij behorende werkzaamheden.
**2..** De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de frequentie van de uit te voeren controles. Hij kan de controlewerkzaamheden zonder voorafgaande kennisgeving uitvoeren.
**3..** Ter bevordering van een efficiënte en doeltreffende accountantscontrole vindt periodiek afstemmingsoverleg plaats tussen de accountant en (een vertegenwoordiging uit) de raad, (een vertegenwoordiging van) de rekenkamer(functie), de portefeuillehouder financiën, de gemeentesecretaris/algemeen directeur en de controllers van de diensten als bedoeld in artikel 1.1, lid 2 juncto artikel 5.2.1, lid 1 t/m 3 van de “organisatieverordening 2000 gemeente Oldenzaal”.
Artikel 4
Inrichting accountantscontrole
Onderdeel van Verordening inzake de controle op het financiële beheer en op de inrichting van de financiële organisatie