Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4:11

Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening gemeente Overbetuwe 2012

1. Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag de houtopstanden te vellen of te doen vellen. 2. Het verbod geldt niet voor: a. wegbeplanting of eenrijige beplantingen op of langs landbouwgronden, beide voor zover bestaande uit populieren of wilgen, tenzij deze zijn geknot; b. naaldbomen en coniferen voor zover deze een omtrek hebben van niet meer dan 125 centimeter op 1,3 meter hoogte boven het maaiveld; c. houtopstand die bij wijze van dunning moet worden geveld; d. houtopstand die deel uitmaakt van als zodanig bij het Bosschap geregistreerde bosbouwondernemingen en gelegen is buiten een bebouwde kom, tenzij de houtopstand een zelfstandige eenheid vormt die: - ofwel geen grotere oppervlakte beslaat dan 10 are; - ofwel bestaat uit rijbeplanting van niet meer dan 20 bomen, gerekend over het totale aantal rijen; e. houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantenziektewet of krachtens een aanschrijving of last van het college. 3. In afwijking van artikel 1:8 kan de vergunning worden geweigerd op grond van: a. de natuurwaarde van de houtopstand; b. de landschappelijke waarde van de houtopstand; c. de waarde van de houtopstand voor de stads- en dorpsschoon; d. de beeldbepalende waarde van de houtopstand; e. de cultuurhistorische waarde van de houtopstand; f. de waarde van de leefbaarheid van de houtopstand. 4. Het bevoegd gezag kan een herplantplicht opleggen onder nader te stellen voorschriften. 5. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel