Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4 › PARAGRAAF 4.1

Artikel 38

BIJDRAGE VOOR MAATWERKVOORZIENINGEN

Onderdeel van Nadere regels Wmo zelfredzaamheid en participatie Heerlen 2016, eerste wijziging

1.. De bedragen per vier weken, de inkomensbedragen en de percen-tages die gelden voor de berekening van de eigen bijdrage zijn gelijk aan die genoemd in artikel 3.8 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. 2.. De verschuldigde bijdrage in de kosten dan wel het totaal van de verschuldigde bijdragen in de kosten bedraagt niet meer dan: voor de ongehuwde cliënt, niet meer dan € 19,40 per bijdra-geperiode met dien verstande dat dit bedrag, indien zijn bij-drageplichtig inkomen, berekend volgens artikel 3.9 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015: meer bedraagt dan € 22.486,00 en hij de pensioenge-rechtigde leeftijd nog niet heeft bereikt, wordt verhoogd met een dertiende deel van 15% van het verschil tussen dat inkomen en € 22.486,00; meer bedraagt dan € 16.887,00 en hij de pensioenge-rechtigde leeftijd heeft bereikt, wordt verhoogd met een dertiende deel van 15% van het verschil tussen dat in-komen en € 16.887,00; voor de gehuwde cliënt of de gehuwde cliënten tezamen, niet meer dan € 27,80 per bijdrageperiode, met dien verstande dat dit bedrag, indien het gezamenlijke bijdrageplichtig inko-men, berekend volgens artikel 3.9 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015: meer bedraagt dan € 28.177,00 en een van beiden of beiden de pensioengerechtigde leeftijd nog niet heeft bereikt, wordt verhoogd met een dertiende deel van 15% van het verschil tussen dat gezamenlijke inkomen en € 28.177,00; meer bedraagt dan € 23.374,00 en beiden de pensioen-gerechtigde leeftijd hebben bereikt, wordt verhoogd met een dertiende deel van 15% van het verschil tussen dat gezamenlijke inkomen en € 23.374,00. 3.. De genoemde bedragen per vier weken, de inkomensbedragen en de percentages die gelden voor de berekening van de bijdrage in de kosten in het vierde lid worden jaarlijks op basis van de door het ministerie van VWS opgestelde advies en geadviseerde parameter-set, bijgesteld. 4.. Vaststelling en inning van de bijdrage in de kosten vindt plaats door het Centraal Administratiekantoor (CAK), conform de door het colle-ge afgegeven parameters en de kostprijs van de betreffende maat-werkvoorzieningen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel