Aan de ouders van een leerling die een school voor voortgezet speciaal onderwijs bezoekt als bedoeld in de Wet op de expertisecentra en zelfstandig van het openbaar vervoer gebruik maakt, van wie het inkomen tezamen meer bedraagt dan € 24.300,- wordt slechts bekostiging verstrekt voor zover de kosten van het vervoer van die leerling de kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 10 bepaalde afstand te boven gaan.
De in het eerste lid bedoelde eigen bijdrage van ouders in de kosten van het vervoer (het drempelbedrag) wordt per gezin slechts één maal opgelegd.
De kosten voor openbaar vervoer, genoemd in het eerste lid, betreffen de kosten van openbaar vervoer die bij gebruik van de OV-chipkaart of een andere binnen de gemeente geldende OV-betaalmogelijkheid voor de in artikel 10 bepaalde afstand redelijkerwijs zouden worden gemaakt. Bij het bepalen van de kosten wordt rekening gehouden met de kortingen die voor de leerling binnen het systeem kunnen gelden.
Het bedrag van € 24.300,- genoemd in het eerste lid, wordt met ingang van 1 januari 2014 jaarlijks aangepast aan de wijziging die het indexcijfer van de regelingslonen van volwassen werknemers heeft ondergaan ten opzichte van het voorafgaande jaar en rekenkundig afgerond op een veelvoud van € 450,-. Het aangepaste bedrag treedt in plaats van het in het eerste lid genoemde bedrag van € 24.300,-.
Paragraaf 3
Artikel 20
Drempelbedrag
Onderdeel van Verordening leerlingenvervoer Rijssen-Holten 2016