Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 5.4

Gedoogstrategie

Onderdeel van Nota vergunningverlening, Toezicht en Handhaving Purmerend 2016-2019

Het college van B&W in Purmerend gedoogt in beginsel niet. Het college heeft in 2003 het landelijke beleid inzake gedogen voor Purmerend onderschreven 7 Het betreft een besluit van 3 juni 2003 naar aanleiding van een door de VROM-inspectie opgestelde rapportage over gedoogbeleid en gedoogbeschikkingen.. Dit landelijke beleid is neergelegd in verschillende stukken die in de jaren negentig zijn opgesteld. In deze stukken wordt een restrictief beleid voorgestaan. Zo is volgens de Nota ‘Grenzen aan gedogen’ 8 Gedateerd op 31 oktober 1996. een grote terughoudendheid geboden bij gedogen en is gedogen slechts in uitzonderingssituaties aanvaardbaar. Enkel in de volgende situaties kan volgens de nota sprake zijn van aanvaardbaar gedogen: het handhaven zou leiden tot aperte onbillijkheden, zoals overmachts- en overgangssituaties; het achterliggende belang is evident beter gediend met gedogen; een zwaarder wegend belang rechtvaardigt gedogen. Gedogen is weliswaar een bevoegdheid van het college, maar zeker geen verplichting. Per geval moet aan de bovenstaande criteria getoetst worden. De hoofdregel van de gemeente Purmerend blijft dat er in beginsel niet gedoogd wordt. Naast de hierboven genoemde inhoudelijke criteria zijn er ook nog procedurele criteria waaraan moet worden voldaan in het geval er gedoogd wordt: gedogen dient schriftelijk en uitdrukkelijk te gebeuren; gedogen moet zoveel mogelijk worden beperkt in omvang en/of in tijd; er moet sprake zijn van een zorgvuldige kenbare belangenafweging (inspraak, publicatie, vermelding van rechtsmiddelen); gedogen dient aan controle te zijn onderworpen. De gemeente Purmerend onderschrijft bovenstaande procedurele uitgangspunten indien er gedoogd wordt. De gemeente Purmerend gedoogt daarmee in geen geval impliciet. Wel stelt de gemeente Purmerend prioriteiten bij het optreden tegen geconstateerde overtredingen. Dit betekent niet dat er tegen overtredingen met een lage prioriteit niet wordt opgetreden, maar dat gebeurt mogelijk op een later moment. Indien een gedoogbeschikking niet wordt nageleefd, zal handhaving plaatsvinden volgens de sanctiestrategie.

Rechtspraak bij dit artikel