**1..** De marktgelden zijn verschuldigd bij het begin van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
**2..** Als de belastingplicht voor de marktgelden voor een vaste standplaats in de loop van het belastingtijdvak aanvangt, zijn de marktgelden verschuldigd over zoveel dertiende gedeelten van de voor dat tijdvak verschuldigde marktgelden als er in dat tijdvak, na de aanvang van de belastingplicht en met inbegrip van de kalenderweek van aanvang, nog kalenderweken overblijven.
**3..** Als de belastingplicht voor de marktgelden voor een vaste standplaats in de loop van het belastingtijdvak eindigt wegens intrekking van de vaste standplaatsvergunning, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel dertiende gedeelten van de voor dat tijdvak verschuldigde marktgelden als er in dat tijdvak, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalenderweken overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 10,00.
**4..** Als van een vaste standplaats door omstandigheden buiten de wil van belanghebbende gedurende vier of meer aaneengesloten kalenderweken van het belastingtijdvak geen gebruik is gemaakt, bestaat aanspraak op teruggaaf van de marktgelden die betrekking hebben op die kalenderweken. De teruggaaf bedraagt zoveel dertiende gedeelten van de voor dat tijdvak verschuldigde marktgelden als er aaneengesloten kalenderweken zijn waarin geen gebruik van de vaste standplaats is gemaakt, tenzij het bedrag van de teruggaaf minder bedraagt dan € 10,00.
Artikel 8
Ontstaan van de belastingschuld, heffing naar tijdsgelang en teruggaaf
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van marktgelden 2016