Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3 › AFDELING 2 › Paragraaf 1

Artikel 3:3

Artikel 3:3

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Heerlen 2012

Begripsomschrijvingen In deze afdeling wordt verstaan onder: Horeca-inrichting: een inrichting waarin een horecabedrijf als bedoeld in van de Drank- en Horecawet wordt uitgeoefend, zomede de daarbij behorende open aanhorigheden; elke voor het publiek toegankelijke lokaliteit, open plaats, tuin of gedeelte daarvan, zomede de daarbij behorende terrassen en de daarmee gemeenschap hebbende vertrekken die niet uitsluitend als woning of winkel als bedoeld in de (met uitzondering van afhaalcentra) worden gebruikt, voor zover daar bij wijze van hoofdfunctie of overwegende nevenfunctie gelegenheid wordt gegeven om al dan niet tegen betaling enigerlei eetwaren voor directe consumptie en/of alcoholvrije dranken te verkrijgen en/of verbruiken; een afhaalcentrum, zijnde een winkel waar voor gebruik elders dan ter plaatse uitsluitend eetwaren en/of alcoholvrije dranken plegen te worden verstrekt; Ondernemer: de natuurlijke of rechtspersoon voor wiens rekening en risico de horeca-inrichting wordt geëxploiteerd. Leidinggevende: degene die de feitelijke leiding geeft aan de exploitatie van een horeca-inrichting. Bezoeker: een ieder die zich in de horeca-inrichting bevindt met uitzondering van: de gezinsleden van de ondernemer(s) alsmede diens elders wonende bloedverwanten, in de rechte lijn onbeperkt, in de zijlijn tot en met de derde graad; de personen die voorkomen in het register als bedoeld in van het Wetboek van Strafrecht; de personen wier aanwezigheid in de horeca-inrichting wegens dringende omstandigheden noodzakelijk is; het dienstdoend personeel; Bevoegd orgaan: de burgemeester dan wel het college, ieder voor zover het zijn/hun bevoegdheid betreft.

Rechtspraak bij dit artikel