De houder:
plaatst de uitstalling voor zijn bedrijfspand;
plaatst geen uitstalling die breder is dan het bedrijfspand;
plaatst de uitstalling op een diepte van maximaal 1.50 meter, gemeten vanuit de gevel van het bedrijfspand;
houdt bij het plaatsen van de uitstalling een minimale doorgang vrij van:
3,50 meter breedte bij een hoogte van 4,20 meter voor hulpverleningsvoertuigen en
1,50 meter voor voetgangers, op het voor voetgangers bedoelde gedeelte van de weg;
plaatst de uitstalling alleen tijdens de openingstijden van het bedrijfspand op de weg;
plaatst de uitstalling niet voor, tegen of op brandkranen, bomen, blindegeleidelijnen of andere voor de openbare dienst bestemde voorwerpen;
plaatst maximaal twee uitstallingen per klanteningang van zijn bedrijfspand;
verkoopt geen producten vanuit de uitstalling;
plaatst de uitstalling niet in of voor:
portieken met toegangen tot woningen
nooduitgangen.
reinigt of laat de weg reinigen als de weg als gevolg van het uitstallen is verontreinigd;