**1..** Het college verstrekt, indien cliënt dit wenst, een persoonsgebonden budget indien:
de jeugdige en zijn ouder naar het oordeel van het college in staat zijn de aan een budget verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren;
de jeugdige en zijn ouder zich gemotiveerd op het standpunt stellen dat zij de individuele voorziening niet wensen geleverd te krijgen door een door het college voorgestelde jeugdhulpaanbieder, en
naar het oordeel van het college is gewaarborgd dat de jeugdhulp die tot de individuele voorziening behoort en die de jeugdige en zijn ouder van het budget willen betrekken, van goede kwaliteit is.
**2..** Onverminderd artikel 8.1.1 van de wet verstrekt het college geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte voorziening noodzakelijk was.
**3..** De maximale omvang van het persoonsgebonden budget wordt op maat vastgesteld en wordt bepaald aan de hand van en tot het maximum van de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst compenserende voorziening in natura.
**4..** Het persoonsgebonden budget is toereikend voor de aanschaf van de maatwerkvoorziening, en wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering.
**5..** Het college regelt de manier waarop het persoonsgebonden budget wordt vastgesteld in de nadere regels die behoren bij de Verordening jeugdhulp Gooise Meren 2016.