Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 11.

Verrekenen verlaging

Onderdeel van Verordening Afstemming Participatiewet, IOAW en IOAZ Gooise Meren 2016

1.. Het bedrag van de verlaging, bedoeld in artikel 10, wordt toegepast over de maand van oplegging van de verlaging en de volgende maximaal twee maanden als bijzondere omstandigheden dit rechtvaardigen. 2.. Bij een verlaging als bedoeld in artikel 10, onderdeel a, kan de verlaging worden toegepast over twee maanden waarbij zowel aan de maand van oplegging als aan de daaropvolgende maand de helft van de verlaging wordt toebedeeld. 3.. Bij een verlaging als bedoeld in artikel 10, onderdeel b, kan de verlaging worden toegepast over drie maanden waarbij zowel aan de maand van oplegging als aan de twee daaropvolgende maanden een derde van de verlaging wordt toebedeeld. 4.. Als sprake is van een verlaging op grond van artikel 18, vierde lid, onderdeel a, van de Participatiewet, vindt geen verrekening als bedoeld in het eerste lid plaats. 5.. In afwijking van het eerste, tweede, derde en vierde lid kan de verlaging met terugwerkende kracht worden opgelegd, voor zover de bijstand nog niet is uitbetaald.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel