Het bepaalde in deze verordening is niet van toepassing indien:
Het dode gezelschapsdier wordt begraven op een dierenbegraafplaats of op een terrein dat ter beschikking staat van de houder;
Het dode gezelschapsdier wordt gecremeerd bij een dierencrematorium;
De houder het dode gezelschapsdier laat inslapen door tussenkomst van een dierenarts, die ervoor zorgt dat dit dier ter verwerking wordt aangeboden.