Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 22

Bestuurscommissies

Onderdeel van Gemeenschappelijk Regeling SED Organisatie, wijziging 2016

1.. Het algemeen bestuur kan commissies instellen met het oog op de behartiging van bepaalde belangen. Het algemeen bestuur regelt de bevoegdheden en de samenstelling. 2.. Artikel 2, tweede lid, alsmede de artikelen 139 tot en met 144 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing. 3.. Het algemeen bestuur gaat niet over tot het instellen van een commissie dan nadat de raden van de deelnemende gemeenten van dit voornemen op de hoogte zijn gesteld en in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen ter kennis van het algemeen bestuur te brengen. 4.. Het algemeen bestuur kan aan een commissie bevoegdheden van het algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur overdragen, met uitzondering van de bevoegdheid tot het vaststellen van de begroting of van de jaarrekening, het heffen van rechten en het vaststellen van verordeningen door strafbepaling of bestuursdwang te handhaven 5.. Bevoegdheden van het dagelijks bestuur worden slechts op voorstel van het dagelijks bestuur overgedragen. 6.. Ten aanzien van een commissie als bedoeld in het eerste lid regelt het algemeen bestuur tevens voor zover zulks in verband met aard en omvang van de overgedragen bevoegdheden nodig is: de werkwijze van de commissie; de openbaarheid van de vergaderingen; de voorbereiding, de uitvoering en de openbaarmaking van besluiten van de commissie; het toezicht van het algemeen, respectievelijk het dagelijks bestuur op de uitoefening van bevoegdheden van die commissie; de verhouding van de overgedragen bevoegdheden tot die van het algemeen en het dagelijks bestuur; de verantwoording aan het algemeen bestuur. 7.. Ten aanzien van de vergadering van een commissie waaraan bevoegdheden van het algemeen bestuur zijn overgedragen is artikel 11 van overeenkomstige toepassing, met inachtneming van door het algemeen bestuur vastgestelde nadere regels. 8.. Indien de commissie zich ter zake van het behandelde waarvoor een verplichting tot geheimhouding geldt tot het algemeen bestuur heeft gericht, wordt de geheimhouding in acht genomen totdat het algemeen bestuur haar opheft.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel