Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
Adviestabel VNG ouderbijdrage peuterwerk: De Vereniging van Nederlandse Gemeenten publiceert jaarlijks een tabel die gebruikt kan worden om voor de gesubsidieerde peuterspeelzalen een inkomensafhankelijke tariefstelling vast te stellen.
Ambitieniveau 2: De werkzaamheden worden uitgevoerd in een groep van maximaal 16 peuters door tenminste 2 gekwalificeerde beroepskrachten in termen van de voor de sector geldende CAO.
Burgerservicenummer (BSN): het unieke persoonsnummer van iedere burger die ingeschreven staat in de Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens (GBA).
Gefiscaliseerde peuterplaats: anders dan bij een gesubsidieerde peuterplaats betalen ouders een bijdrage aan de aanbieder, die met de jaarlijkse aangifte bij de belastingdienst naar inkomen wordt vastgesteld.
Ouderbijdrage: de bijdrage per maand per peuter die de instelling vraagt aan ouders/verzorgers gedurende de periode dat gebruik wordt gemaakt van het peuterspeelzaalwerk.
Overdrachtsprotocol: In het kader van de doorgaande leerlijn wordt in Heemstede gebruik gemaakt van een overdrachtsprotocol van de peuterspeelzaal naar primair onderwijs.
Peuters: kinderen in de leeftijd van 2 tot en met 4 jaar.
Peuters met een taalachterstand: peuters die geen of weinig taalaanbod in het Nederlands in hun omgeving krijgen.
Peuterspeelzaalwerk: een geheel van samenhangende voorzieningen met als doelstelling het bevorderen van de sociale, creatieve en educatieve ontplooiing en de motorische ontwikkeling van peuters, onder meer door spel en omgang met leeftijdgenootjes.
Peuterspeelzaal: een voorziening waar peuterspeelzaalwerk plaatsvindt.
Peuterplaats:een rekeneenheid die overeenkomt met een peuterbezoek van minimaal 3 uur per dagdeel per week aan de peuterspeelzaal, gedurende 40 weken per jaar.
Peutergroep: een groep bestaande uit maximaal 16 kinderen in een peuterspeelzaal die voor een deel door subsidie, ouderbijdrage en via de Wet Kinderopvang wordt gefinancierd.
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Bijzondere verordening structurele subsidies peuterspeelzaalwerk 2016