Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 9a.

Regels voor vervoer naar en van een jeugdhulpaanbieder

Onderdeel van Verordening jeugdhulp Veldhoven 2016

1.. Het college kan aan de jeugdige en/of zijn ouders een voorziening toekennen voor vervoer naar en van de jeugdhulpaanbieder waar voor de jeugdige noodzakelijke hulp geboden wordt, indien het college vast stelt dat: de vervoerscomponent niet reeds is inbegrepen in de toegekende individuele voorziening; er sprake is van een (medische, psychische of psychosociale) beperking waardoor de jeugdige en/of zijn ouders niet (voldoende) zelfredzaam zijn om in het vervoer te voorzien; en de jeugdige niet woonachtig is in een intramurale voorziening; en er geen sprake is van (naschoolse) opvang; en een plan wordt opgesteld waarmee wordt gestuurd op het op termijn wel zelf kunnen voorzien in het vervoer door de jeugdige en/of diens ouders of andere personen uit de naaste omgeving van de jeugdige, tenzij dit vanwege de aard van de onder b bedoelde beperking blijvend onmogelijk is. 2.. Indien de toegekende individuele voorziening wordt aangeboden bij een door de gemeente gecontracteerde jeugdhulpaanbieder, is deze aanbieder verantwoordelijk voor het verzorgen van het vervoer zoals is toegekend aan de jeugdige en/of zijn ouders.

Rechtspraak bij dit artikel