Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 4.

Vergunningen

Onderdeel van Marktverordening Leiden 2015

1.. Het is verboden op een markt zonder vergunning van het college voor een vaste standplaats, een seizoensplaats of dagplaats een standplaats voor het uitoefenen van markthandel in te nemen. 2.. Een vergunning voor een vaste standplaats geldt voor onbepaalde tijd en voor de op de vergunning vermelde standplaats, tenzij de vergunning anders bepaalt. Het college kan in bijzondere gevallen een andere standplaats aanwijzen. 3.. Een dagplaatsvergunning geldt voor één dag en voor de op de vergunning vermelde standplaats. 4.. Het is verboden, op een markt zonder standwerkvergunning van het college als standwerker op te treden. 5.. Het is verboden, zonder bedienvergunning van het college vergunninghouders en degenen die hen vervangen of bijstaan tegen betaling te voorzien van voedsel of dranken bestemd voor consumptie ter plaatse. Een bedienvergunning geldt voor onbepaalde tijd, tenzij de vergunning anders bepaalt. 6.. Het is verboden zonder vergunning van het college marktkramen te plaatsen of daarvoor voorbereidingen te treffen. 7.. Aan een vergunning op grond van deze verordening kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden. 8.. Een vergunning kan enkel worden verleend aan een natuurlijk persoon die handelingsbekwaam is, die gerechtigd is in Nederland arbeid te verrichten en die geen vergunning voor een vaste standplaats heeft voor de betrokken markt; 9.. Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel