**1..** Een voorziening kan door het college slechts worden toegekend voor:
deze in overwegende mate op het individu is gericht;
deze langdurig noodzakelijk is om diens belemmeringen op het gebied van het wonen of zich binnen of buiten de woning verplaatsen op te heffen of te verminderen;
deze, naar objectieve maatstaven gemeten, als de goedkoopst adequate voorziening kan worden aangemerkt.
**2..** In afwijking van het eerste lid, onder a, kan een voorziening worden verstrekt in de vorm van een collectief vervoersysteem als bedoeld in artikel 5.1 onder a.
**3..** Geen voorziening wordt toegekend:
indien de voorziening voor een persoon als de aanvrager algemeen gebruikelijk of voorzienbaar is;
voor op grond van enige andere wettelijke regeling of enige privaatrechtelijke overeenkomst of verbintenis aanspraak op de voorziening bestaat;
indien de aanvrager niet woonachtig is in de gemeente Oldenzaal;
voor zover de aangevraagde voorzieningen betrekking hebben op een hoger niveau dan het uitrustingsniveau voor sociale woningbouw;
voor zover er aan de zijde van de aanvrager geen sprake is van aantoonbare meerkosten in vergelijking met de situatie voorafgaand aan het optreden van de beperkingen waarvoor de voorziening wordt aangevraagd;
**4..** Het college verleent slechts een financiële tegemoetkoming in de kosten van voorzieningen als bedoeld in deze verordening indien in de financiering van het niet door de tegemoetkoming gedekte deel van de voorzieningen is voorzien.
**5..** Het college verleent slechts een financiële tegemoetkoming indien de voorzieningen waarvoor de tegemoetkoming bedoeld is, toereikend zijn verzekerd.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.2
Beperkingen
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Oldenzaal 2009