Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Tussentijdse rapportage en informatie

Onderdeel van Financiële verordening gemeente Rheden 2016

1.. Het college informeert de raad door middel van de Voorjaarsnota over de bijstelling van de begroting van het lopende boekjaar, het volgende begrotingsjaar en de drie daaropvolgende jaren. In deze nota worden de bevindingen betrokken uit de jaarstukken bedoeld in artikel 7. 2.. De raad stelt de Voorjaarsnota vast uiterlijk in de laatste raadsvergadering voor het zomerreces van het voorafgaande begrotingsjaar. 3.. Het college informeert de raad door middel van een Bestuursrapportage over de realisatie en bijstelling van de begroting van de gemeente over het lopende boekjaar. 4.. De raad stelt de Bestuursrapportage vast in de raadsvergadering direct voorafgaande aan de begrotingsbehandeling. 5.. De inrichting van de Voorjaarsnota en de Bestuursrapportage sluit aan bij de programma-indeling van de begroting. 6.. De Voorjaarsnota en de Bestuursrapportage gaan in op afwijkingen, zowel wat betreft de lasten en baten, de geleverde prestaties en indien daar aanleiding voor is de maatschappelijke effecten en doelstellingen. 7.. Bij de behandeling van de Voorjaarsnota en Bestuursrapportage in de raad doet het college waar nodig voorstellen tot wijziging van de geautoriseerde budgetten en investeringskredieten en bijstelling van beleid. 8.. Wanneer het Rijk de gemeente bericht dat alle gemeente samen het collectieve aandeel van gemeenten in EMU-tekort, bedoeld in artikel 3, zesde lid, van de Wet houdbare overheidsfinancien, hebben overschreden, informeert het college de raad of een aanpassing van de begroting nodig is. Als het college een aanpassing nodig acht, doet het college een voorstel tot wijziging van de begroting.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel