Onverminderd artikel 2, derde lid, wordt de maatregel vastgesteld op:
€ 55,00 gedurende een maand bij gedragingen van de eerste categorie;
€ 220,00 gedurende een maand bij gedragingen van de tweede categorie;
het bedrag dat belanghebbende door dit gedrag aan nettoinkomen is verloren danwel dat belanghebbende dat nettoinkomen zou hebben kunnen verwerven, bij een gedraging van de derde categorie.
De maatregel wordt, met inachtneming van artikel 20, vierde lid IOAW/IOAZ, blijvend opgelegd.
Hoofdstuk 2
Artikel 9
De hoogte en duur van de maatregel
Onderdeel van Maatregelverordening IOAW/IOAZ