Naar hoofdinhoud

Artikel 19

Limitering financiële reserves

Onderdeel van Beleidsregels subsidiebeleid welzijnssubsidies

Subsidie wordt slechts verstrekt voor zover een instelling niet zelf over de benodigde geldmiddelen beschikt. Van dit laatste is sprake als de instelling niet over meer financiële reserve beschikt dan op grond van de leden 2 en 5 is toegestaan. De financiële reserve die een instelling die budgetsubsidie ontvangt kan hebben zonder dat daaraan consequenties zijn verbonden voor de hoogte van de subsidie, kan niet meer bedragen dan een door het college vast te stellen maximum. Het college kan beleidsregels vaststellen voor de bepaling van de maximale reserve zoals bedoeld in het tweede lid. Indien in enig jaar wordt geconstateerd dat de financiële reserves van een instelling hoger zijn dan het in het tweede lid bedoelde maximum, dan wordt het bedrag van de overschrijding in mindering gebracht op de eerstvolgende beschikking of beschikkingen tot subsidieverlening. Het college kan toestaan dat een instelling, naast de in het tweede lid bedoelde reserve, over een bestemmingsreserve beschikt, zonder dat daaraan consequenties zijn verbonden voor de hoogte van de subsidie. Aan een dergelijke reserve dient een bepaald omschreven doel te worden verbonden waaraan de reserve moet worden besteed, alsook een jaar waarin de reserve aan dat doel moet worden besteed. Indien de bestemmingsreserve niet in het aangegeven jaar aan het aangegeven doel wordt besteed, dan wordt deze in haar geheel op de eerstvolgende beschikking tot subsidieverlening in mindering gebracht. Op grond van de subsidieverordening kan een instelling slechts subsidie ontvangen indien zij niet zelf in haar financiële middelen kan voorzien. Subsidiëring wordt gezien als aanvullend aan de eigen inkomsten van een instelling. Als een instelling over financiële reserves beschikt, dan moeten deze in principe worden ingezet voor de exploitatie van de activiteiten. 30% van de som der inkomsten (eigen inkomsten inclusief subsidie) in enig begrotingsjaar, mag als reserve aangehouden worden zonder dat hier consequenties aan verbonden worden voor de hoogte van de subsidie. Onder het begrip "reserve" wordt verstaan liquide geldmiddelen of relatief eenvoudig liquide te maken middelen, die niet noodzakelijk zijn voor de dekking van de exploitatie van het begrotingsjaar. Voor het hebben van een bestemmingsreserve, zoals in lid 5 bedoeld, treft het college een “maatwerk”-voorziening die past bij de specifieke situatie. Indien er sprake is van te hoge reserves – hetzij gewone hetzij bestemmingsreserves – wordt, overeenkomstig artikel 19 lid 4, het bedrag van de overschrijding in mindering gebracht op de eerstvolgende subsidieverlening. Zo'n subsidiekorting betekent op zichzelf geen inbreuk op de budgetafspraken. De aanvraag om budgetsubsidie van de instellingen wordt, juridisch gezien, dan ook niet (geheel of gedeeltelijk) geweigerd. Het meerjarig budget wordt verleend, maar op grond van genoemd artikel wordt het budgetbedrag in één of meer budgetjaren verrekend met het teveel aan financiële reserve. Zodra de instelling voldoende heeft ingeteerd op de reserve, is het budget weer geheel beschikbaar. Met de instellingen die het aangaat is of wordt in geval van toepassing van dit artikel overlegd.

Rechtspraak bij dit artikel