**1..** Een deelnemer kan uittreden uit de regeling na een daartoe strekkend besluit van de deelnemer, doch niet eerder dan na vijf jaar na de eerste inwerkingtreding van de regeling.
**2..** Het besluit tot uittreding wordt niet later genomen dan een jaar voorafgaand aan de datum waarop de uittreding plaatsvindt. Uittreding is slechts mogelijk met ingang van 1 januari.
**3..** Uittreding is slechts mogelijk onder de voorwaarde dat tussen het openbaar lichaam en de uittredende deelnemer voor de resterende financiële verplichtingen van de uittredende deelnemer een vaststellingsovereenkomst wordt gesloten.
**4..** Over de vaststellingsovereenkomst als bedoeld in het derde lid wordt besloten door het algemeen bestuur. Het besluit inzake de vaststellingsovereenkomst behoeft een tweederde meerderheid van de uitgebrachte stemmen.
**5..** Het dagelijks bestuur ziet toe op de uittreding en de vereffening van de financiële verplichtingen.
Hoofdstuk 10.
Artikel 33.
Uittreding
Onderdeel van GEMEENSCHAPPELIJKE REGELINGOMGEVINGSDIENST REGIO NIJMEGEN