**1..** Het dagelijks bestuur biedt de rekening over het afgelopen jaar, onder toevoeging van een verslag van het onderzoek naar de deugdelijkheid van de rekening, ingesteld door de overeenkomstig artikel 33, tweede lid van deze regeling aangewezen deskundigen, en van hetgeen het dagelijks bestuur te zijner verantwoording dienstig acht, met alle bijbehorende bescheiden jaarlijks vóór 1 april ter vaststelling aan het algemeen bestuur aan onder gelijktijdige toezending aan de besturen van beide deelnemende gemeenten.
**2..** De raden van beide deelnemende gemeenten kunnen binnen twee maanden na toezending bij het algemeen bestuur hun zienswijze over de rekening naar voren brengen.
**3..** Het algemeen bestuur stelt de rekening vast vóór 1 juli, volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft.
**4..** Zij wordt binnen twee weken, doch in ieder geval vóór 15 juli, met alle bijbehorende stukken aan gedeputeerde staten aangeboden.
**5..** Vaststelling van de rekening strekt het dagelijks bestuur tot décharge, behoudens later in rechte gebleken valsheid in geschrifte of andere onregelmatigheden.
**6..** In de rekening wordt het werkelijke batige of nadelige saldo opgenomen. Het bepaalde in de artikelen 36 en 37 van de regeling is van overeenkomstige toepassing.