Een tegenprestatie wordt niet opgelegd indien:
de belanghebbende in verband met arbeidsongeschiktheid volledig is vrijgesteld van de arbeids- en re-integratieverplichting;
de belanghebbende alleenstaande ouder is en een ontheffing heeft als bedoeld in artikel 9a PW, of artikel 38, eerste lid, van de IOAW of IOAZ;
uitsluitend bijstand wordt verleend op grond van de bijzondere bijstand;
maatschappelijke nuttige activiteiten in de vorm van vrijwilligerswerk of mantelzorg van een bepaalde omvang worden verricht.
HOOFDSTUK 2. › § 2.5
Artikel 2.22.
Afzien van opdragen van een tegenprestatie
Onderdeel van Verzamelverordening inkomensvoorzieningen Hilversum 2016