**1..** Er vindt geen toetsing van het taalniveau plaats indien is vastgesteld dat iedere vorm van verwijtbaarheid ontbreekt om aan de taaleis te voldoen zoals bedoeld in artikel 5 van deze beleidsregels.
**2..** Er vindt geen toetsing van het taalniveau plaats indien:
tijdens een vorige uitkeringsperiode al een toets is afgenomen en is vastgesteld dat belanghebbende de Nederlandse taal beheerst;
tijdens een vorige uitkeringsperiode al een toets is afgenomen en is vastgesteld dat belanghebbende de Nederlandse taal onvoldoende beheerst, maar ook is vastgesteld dat door in de persoon gelegen, niet beïnvloedbare of tijdgebonden factoren, belanghebbende niet is staat is om de Nederlandse taal op referentieniveau 1F machtig te worden.
**3..** Er vindt geen toetsing van het taalniveau plaats indien belanghebbende een uitkering had in een andere gemeente en in die gemeente reeds is getoetst op referentieniveau 1F. De toetsresultaten kunnen worden overgenomen, tenzij deze onvoldoende zekerheid bieden over de actuele taalvaardigheid.
**4..** Er vindt geen toetsing van het taalniveau plaats indien sprake is van een situatie waarin bijstand voor korte duur wordt aangevraagd en vaststaat wat de einddatum van de bijstand zal zijn.
**5..** Er vindt geen toetsing plaats indien belanghebbende een inburgeringsplicht heeft op grond van de Wet inburgering.