Naar hoofdinhoud
1.. Het Veiligheidsbestuur of het dagelijks bestuur zendt jaarlijks vóór 1 april van het jaar volgend op het jaar waarop deze betrekking heeft de voorlopige jaarrekening van de Veiligheidsregio, vergezeld van een behoorlijke toelichting, toe aan de raden. 2.. Het Veiligheidsbestuur stelt de jaarrekening vast vóór 1 juli in het jaar volgend op het jaar waarop deze betrekking heeft. 3.. Het dagelijks bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na vaststelling, doch uiterlijk vóór 15 juli van het jaar volgend op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, aan Gedeputeerde Staten. 4.. In de jaarrekening wordt de door elk van de Gemeenten en de door derden over het desbetreffende dienstjaar werkelijk verschuldigde bijdrage opgenomen. Verrekening van het verschil tussen het op grond van artikel 22 van deze regeling betaalde voorschot en het werkelijk verschuldigde bedrag vindt plaats onmiddellijk na de kennisgeving aan de Gemeenten van de vaststelling van de jaarrekening. 5.. Onverminderd het voorgaande lid kan het dagelijks bestuur een voorstel doen voor het bestemmen van het resultaat. 6.. Het Veiligheidsbestuur bepaalt op welke wijze de resultaten van de jaarrekening over de Gemeenten zullen worden verdeeld met in achtneming van artikel 21 lid 7.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel