Rapportage dient op eigen initiatief van de budgethouder tussentijds te geschieden in het geval er een duidelijk vermoeden of aanwijzing bestaat dat het budget onvermijdelijk en onuitstelbaar substantieel moet worden overschreden (uitgaven kant) of niet wordt bereikt (inkomstenkant) of de taakstelling gekoppeld aan het budget fors wordt ondermijnd.