Het college wijst een aanvraag in ieder geval af, indien:
het budget niet toereikend is om de aanvraag te honoreren;
de werkelijke kosten naar zijn oordeel niet in redelijke verhouding staan tot het te verkrijgen resultaat;
de werkelijke kosten minder bedragen dan € 2.500,-- (inclusief btw) waar het gaat om een duurzaamheidslening (eigenaar-bewoner) dan wel € 5.000,-- (inclusief btw) waar het gaat om een stimuleringslening (stichting of vereniging);
de aanvraag niet is ingediend door een aanvrager;
de aanvraag wordt ingediend ná het treffen van de duurzaamheidsmaatregelen;
de aanvrager via concrete offerte(s), een energieprestatieadvies of andere afdoende documentatie, voor de maatregelen die deze wil nemen via de aanvraag, niet kan aantonen tot welke energiereductie deze leiden;
de accommodatie of de woning binnen een periode van tien jaar moet worden afgebroken of dat aannemelijk is dat deze binnen een periode van tien jaar zal worden afgebroken;
de afgelopen drie jaar al eerder een aanvraag voor een stimuleringslening is ingediend voor het betreffende gebouw en deze geheel of gedeeltelijk is toegewezen;
naar zijn oordeel gegronde redenen bestaan aan te nemen dan wel vastgesteld wordt, dat niet aan de voorwaarden en bepalingen van deze regeling wordt of zal worden voldaan.
Artikel 8
Afwijzen aanvraag
Onderdeel van Verordening SVn Duurzaamheidslening en stimuleringslening stichtingen en verenigingen