Binnen het kader van de Wvg-verordening zijn er twee soorten trainingen mogelijk in het leren omgaan met een vervoersvoorziening, namelijk:
- Training tijdens het adviestraject.
De training tijdens het adviestraject is bedoeld om te kunnen komen tot een goed inzicht in de motorische en cognitieve vaardigheden van een cliënt om zich met een vervoermiddel op een veilige manier in het verkeer te begeven.
Na deze training wordt besloten of de vervoersvoorziening verstrekt kan worden.
- Training na aflevering van een voorziening
Deze training is bedoeld om iemand vertrouwd te maken met een reeds verstrekte voorziening. De training vindt plaats in de woonomgeving van de cliënt.
Trainingen kunnen door de adviseur geïndiceerd worden. De cliënt kan ook zelf een aantal gewenningslessen aanvragen, wanneer hij zich onzeker voelt over het gebruik ervan.
In beginsel komen maximaal vijf trainingslessen van een uur voor vergoeding in aanmerking.
Hoofdstuk
Artikel 3.4
Artikel 3.4
Onderdeel van Verstrekkingenboek Wet voorzieningen gehandicapten 2004