Het college kan een ontheffing intrekken of wijzigen:
op verzoek van de ontheffinghouder;
indien de ontheffinghouder volgens de in de gemeentelijke basisadministratie beschikbare persoonsgegevens niet langer woonachtig is in het gebied waarvoor de ontheffing is verleend of het daar uitgeoefende beroep of bedrijf beëindigt.
indien zich een wijziging voordoet in (één van) de omstandigheden die relevant waren voor het verlenen van de ontheffing;
indien de ontheffinghouder handelt in strijd met de ontheffing of de daaraan verbonden voorschriften of beperkingen;
indien blijkt dat de aanvraag van de ontheffing onjuiste gegevens zijn verstrekt;
indien sprake is van oneigenlijk gebruik van de ontheffing;
indien op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten, opgetreden na het verlenen van de ontheffing, moet worden aangenomen dat intrekking wordt gevorderd door het belang of de belangen ter bescherming waarvan de ontheffing is verleend.
na overlijden van de ontheffinghouder.
Artikel 7
Intrekken en wijzigingsgronden
Onderdeel van nr 10.03 Verordening ontheffingen autoluw gebied Zevenaar 2010