De cliënt moet in staat zijn tot het normale gebruik van de woning. Dat wil zeggen dat:
de woning voor de cliënt toegankelijk is;
de buitenruimte (tuin of balkon) moet kunnen worden bereikt;
de cliënt het toilet, de badkamer, keuken, woonkamer, slaapkamer en de slaapkamers van jonge kinderen moet kunnenbereiken en gebruiken.
Het gebruik van hobby-, werk- of recreatieruimten valt in principe niet tot het normale gebruik van de woning.
4.1.1 Algemeen gebruikelijk
Bijna iedereen verhuist wel één of meerdere keren in zijn leven, passend bij de levensfase. Voor de kosten van een verhuizing is dan ook in principe geenmaatwerkvoorziening mogelijk. Dit is slechts andersals de verhuizing plotseling noodzakelijk is, bijvoorbeeld als gevolg van een plotseling optredende ziekte of door een ongeluk. In dat geval kan de cliënt in aanmerking komen voor een maatwerkvoorziening in de vorm van een verhuiskostenvergoeding.
Als algemeen gebruikelijk gelden ook woonvoorzieningen die in een normale winkel, bouwmarkt of thuiszorgwinkel verkrijgbaar zijn. Het gaat dan om zaken als (niet limitatief):
een inductiekookplaat of keramische kookplaat;
een 1-greeps mengkraan;
een verhoogd toilet;
een airco.
Algemeen gebruikelijk wil ook zeggen dat het past bij de basisuitrusting van een woning, bijvoorbeeld centrale verwarming.
4.1.2 Soorten woonvoorzieningen
Een woonvoorziening kan bestaan uit:
bouwkundige ingrepen, zoals het verwijderen van drempels, verbreden van deuren, aanpassen van sanitaire ruimtes en keuken,aanbouwen van een gelijkvloerse slaapkamer en badkamer, plaatsen van een tijdelijke woonunit;
losse woonvoorzieningen, zoals tilliften, aankleedtafels, douchehulpmiddelen;
hulpmiddelen om een hoogteverschil te overbruggen, zoals een traplift of vlonder;
4.1.3 Afweging verhuizen of woning aanpassen
Het primaat van verhuizen kan geen automatisme zijn. De gemeente moet aan de hand van de individuele omstandigheden van de cliënt onderzoeken of het primaat van verhuizen kan worden toegepast. Of dat deze afweging gemaakt moet worden hangt af van de vraag of de woning aangepast kan worden. Soms is dit niet het geval, bijvoorbeeld als de gezondheidssituatie en bijbehorende beperkingen van cliënt aanpassingen vereisen die bouwkundig niet mogelijk zijn.
In de (belangen)afweging of een woonvoorziening moet worden aangeboden in de vorm van een woningaanpassing of een verhuiskostenvergoeding, kunnen de volgende onderdelen uitmaken van de beoordeling, afhankelijk van de individuele situatie:
Aanwezigheid van een passende woning
Als er een passende woning voorhanden is, kan volstaan worden met het verstrekken van een verhuiskostenvergoeding. Is een passende woning binnen (medisch aanvaardbare) termijn beschikbaar, dan kan ter overbrugging de huidige woning met de meest noodzakelijke kleine aanpassingen adequaat gemaakt worden ter overbrugging tot een verhuizing. In dat geval kunnen beide voorzieningen naast elkaar verstrekt worden.
Kostenvergelijking tussen aanpassen en verhuizen
Wanneer de kosten lager liggen dat de verhuiskostenvergoeding incl. kleine aanpassingen in een evt. nieuw te betrekken woning, dan wordt er geen afweging gemaakt. Het moet dus wel gaan om substantieel hogere aanpassingskosten ten opzichte van de vergoeding voor verhuizing en (her)inrichting. Als voorbeeld; als de vergoeding voor verhuizen, (her)inrichten en kleine aanpassingen €5.000,- is, en de beoogde aanpassingen in de huidige woning €4.500,- dan worden beoogde aanpassingen in de huidige woning tot dit bedrag ‘gewoon’ vergoed en vind er geen afweging plaats.
De gezondheidssituatie van cliënt en huisgenoten
De vraag is of cliënt en/of diens huisgenoten in staat kan worden geacht te verhuizen. Of leid verhuizing tot toename van gezondheidsklachten. Hiervoor is vaak een medisch advies noodzakelijk.
De afstand tot voorzieningen waar cliënt gebruik van maakt
De wil van cliënt om te gaan verhuizen
Het is niet mogelijk de cliënt te dwingen om te verhuizen. Het is echter ook niet zo dat de gemeente dan helemaal niets hoeft te doen. Als een verhuizing de goedkoopst adequate oplossing is, maar de cliënt kiest ervoor om toch niet te verhuizen, dan kan hij in aanmerking komen voor een pgb ter hoogte van de verhuiskostenvergoeding in natura, waarmee hij de eigen woning kan aanpassen. Uit de door de cliënt in te dienen offerte(s) moet voldoende blijken dat de door de cliënt aan te brengen voorzieningen een duurzame oplossing bieden voor de problematiek van de cliënt. De cliënt komt de komende vijf jaar niet in aanmerking voor een woonvoorziening, afgezien van niet-voorziene wijzigingen in de beperkingen van de cliënt welke ook bij een andere, passende woning hadden geleid tot aanpassingen.
In hoeverre is de huidige woning al aangepast
Als de huidige woning al is aangepast ligt het in de lijn der verwachting dat eventuele aanvullende aanpassingen ook gerealiseerd worden. De gemeente heeft tenslotte eerder al kosten gemaakt. Of de bewoner heeft zelf al geld geïnvesteerd om de woning geschikt te maken.
De medische aanvaardbare termijn
Voor de vraag wat een medisch aanvaardbare termijn is, is medisch advies nodig.
Sociale omstandigheden
Hieronder valt ook de beoordeling van mantelzorg in de directe omgeving. Is deze mantelzorg ‘verplaatsbaar’, of ontstaat bij verhuizing een nieuw probleem door het wegvallen van deze vorm van ondersteuning.
Eventuele stijging in de woonlasten
Kunnen deze kosten gecompenseerd worden door huurtoeslag?
Is de huidige woning eigendom van cliënt
Als er sprake is van een eigen woning: leidt een verhuizing tot een onacceptabel financieel nadeel als gevolg van de verkoop van de huidige woning? Zal de woning naar verwachting binnen een redelijke termijn verkocht kunnen worden?
Het onderzoek naar bovengenoemde, en andere niet beschreven punten, vindt zoveel als mogelijk plaats in de onderzoeksfase na het doen van de melding. Hierbij geldt de volgende volgorde;
Voor een algemeen beeld over de verschillende onderdelen heeft de medewerker Wmo een gesprek met cliënt en andere betrokken mensen uit het sociaal netwerk.
Voor duidelijkheid over medisch gerelateerde vragen wordt altijd een medisch advies opgevraagd;
Voor de bouwkundige vragen over beoogde aanpassingen schakelt de gemeente een deskundig bureau in. Hierbij moet het gaan om aanpassingskosten vanaf € 10.000,-.
Als uit het onderzoek blijkt dat een verhuizing geen goede oplossing is voor de cliënt, zal worden overgegaan tot aanpassing van de huidige woning. Uitgangspunt is hierbij dat de cliënt nog ten minste 5 jaar met de aanpassingen in de woningkan blijven wonen.
Als uit het onderzoek blijkt dat aanpassing van de huidige woning geen adequate, duurzame oplossing biedt voor de cliënt, zal de cliënt het advies krijgen te verhuizen naar een meer geschikte woning.
4.1.4 Kaders aanpassen woning
Bij het bepalen van de aard en omvang van de te verstrekken woonvoorziening gelden de volgende uitgangspunten:
Het niveau sociale woningbouw geldt als bovengrens van de geboden oplossing. Dit betekent dat wordt gekozen voor een sobere doch doelmatige oplossing
Het op de woning van toepassing zijnde bouwbesluit wordt als uitgangspunt genomen voor wat betreft het uitrustingsniveau dat verwacht mag worden. Alleen zaken die dat uitrustingsniveau te boven gaan, kunnen als maatwerkvoorziening worden aangeboden.
Aanpassingen aan de eisen van de tijd komen voor eigen rekening van de bewoner dan wel de eigenaar van de woning.
Als de cliënt niet de eigenaar is van de woning waarvoor een woningaanpassing voor noodzakelijk is, dan is voor de woningaanpassing geentoestemming van de eigenaar noodzakelijk. Voordat de woningaanpassing wordt aangebracht, moet de woningeigenaar wel in de gelegenheid worden gesteld te worden gehoord. De cliënt hoeft de woningaanpassing niet ongedaante maken als de cliënt niet langer gebruik maakt van de woning.
4.1.5 Aanpassingen in een wooncomplex
Als een cliënt woont in een wooncomplex dat specifiek bedoeld is voor ouderen of personen met een lichamelijke beperking, dan mag worden dat dit wooncomplex voldoet aan de basiseisen van toegankelijkheid voor deze doelgroepen. Dat wil zeggen dat iemand zonder problemen zijn eigen woning moet kunnenbereiken, ook als deze rolstoelgebondenis. Een woonvoorziening voor de algemene ruimte is dan in principe niet aan de orde. De woningeigenaar is hiervoor verantwoordelijk. Woonvoorzieningen die in de algemene ruimte kunnenworden aangebracht beperken zich in principe tot de volgende voorzieningen:
het verbreden van toegangsdeuren;
het aanbrengen van elektrische toegangsdeuren;
de aanleg van een hellingbaan van de openbare weg naar de toegang van het gebouw;
het plaatsen van drempelhulpen of vlonders;
het realiseren van een opstelplaats voor een rolstoel bij de toegangsdeur van het wooncomplex.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.1
Maatwerk woonvoorzieningen
Onderdeel van Beleidsregels voorzieningen WMO gemeente Buren 2016